Het is heerlijk om op vakantie te zijn en nog fijner om weer naar huis te gaan | column

Ate Vegter

Op de kamer van een collega van mij hing ooit een grote poster van de grotten van Han. Han was zijn voornaam. Het was in de tijd dat we nog een eigen kamer hadden, sinds het flexwerken een zeldzaamheid. Wij zijn niet naar de grotten van Han geweest, maar naar die van Remouchamps. Geen collega die zo heette.

Het is een verstandig uitstapje die grotten, want het is buiten 32 graden en onderaards een stuk koeler. Er zijn meer mensen zo verstandig als wij en even later staan we in de bloedhitte te wachten in de rij voor de kassa. Gelukkig schiet het allemaal nog wel een beetje op en we krijgen alvast de instructie om vooral rustig aan te doen, want u heeft alle tijd en het is hier en daar glad en glibberig.

Dan lopen we naar binnen. De kou en de rust zijn een verademing na de hitte en de drukte van de zomerdag buiten. We genieten van de immense spelonken met hun stalagmieten en stalactieten, die ik nog altijd door elkaar haal. Ook bewonder ik de trappen en de aangelegde verlichting. Wat een werk moet dat geweest zijn.

Het is een onderaardse tocht van ongeveer drie kwartier, met veel klauterwerk en af en toe een druppel in je nek. Bij het eindpunt worden we in bootjes teruggebracht, die worden voortgestuwd door pure lichaamskracht. De stuurmannen hebben alleen een lange stok waarmee ze de vaartuigen vooruit duwen. Het is voor ons allemaal zeer ontspannend en bij het passeren van een lege tegenligger vanwege het smalle water ook nog amusant. Er wordt veel spanning weggelachen.

Buiten valt de hitte weer op ons en we nemen snel een ijsje. Dan gaan we naar de camping en bereiden ons voor op de dag van vandaag, vrijdag.

Dat is de dag dat we weer naar huis rijden, terug naar ons goede, oude Monnickendam, waar we de poezen weer zien. Maar veel belangrijker is nog dat vandaag onze Piep jarig is en veertien jaar is geworden.

Net binnen