Affreus, hemeltergend, onbetamelijk, ongehoord | column

Wat de nieuwe omroep Ongehoord Nederland uitzendt, is wat Janice Deul betreft inderdaad ongehoord.

Soms krijg ik een tik op de vingers wegens een te enthousiast gebruik van buitenlandse woorden. Iets waaraan ik me vaker schuldig maak. Ik beloof dan braaf beterschap en probeer erop te letten, maar het blijft soms verleidelijk om op de internationale toer te gaan. Die verengelsing lijkt evenwel onontkoombaar te zijn en neemt soms bizarre vormen aan. Zo zat ik onlangs in een meeting (pardon, ik bedoel: een overleg), met twee anderen, waar vanzelfsprekend Engels werd gesproken. Begrijpelijk omdat dat binnen deze culturele organisatie de voertaal is. Tot we ons schaterlachend realiseerden dat we allemaal het Nederlands meer dan machtig zijn: twee van de drie deelnemers aan het gesprek zijn geboren en getogen in Nederland en de derde woont en werkt al jaren in Amsterdam. Juist zij wees me op de prachtige woorden die onze taal rijk is. Nieuwe en oude, waarvan we de betekenis soms vergeten lijken te zijn. Het deftige ’affreus’, is daar een voorbeeld van. Net als ’hemeltergend’ en ’onbetamelijk’. Lichtelijk gedateerd aandoende termen die staan voor ’onfatsoenlijk’, ’schandelijk’ en – jawel - ’ongehoord’. Kwalificaties die de aspirant-omroep van oud-oorlogscorrespondent Arnold Karskens prima omschrijven. Ongehoord Nederland (verder: ON) is net als die andere nieuwkomer, Omroep Zwart, als aspirant-omroep toegelaten tot het publieke bestel. Maar waar Zwart inzet op het vieren van eigenheid, schoonheid en creativiteit, gaat ON voor complottheorieën en misinformatie. Voor haatzaaiende programma’s, die met publieke middelen worden gemaakt, vol nepnieuws dat onweersproken blijft en waarin zelfs de schijn van objectiviteit niet wordt opgehouden. Reden voor de NPO om te overwegen de geldkraan deels dicht te draaien, maar wat mij betreft mogen ze een stap verder gaan. ON heeft tot 2026 de tijd om zich te bewijzen als volwaardige omroep. Ik ben er welhaast zeker van dat ze zichzelf voordien al de das om zullen hebben gedaan. De club van Karskens drijft op racisme, polarisatie en is door en door onbetrouwbaar. Dat is afschuwelijk, afstotend, akelig, lelijk, onbehoorlijk, onfatsoenlijk en onduldbaar, om nog maar eens enkele synoniemen van ’ongehoord’ te benoemen. En daar - lieve mensen - is geen woord buitenlands aan.

Net binnen