Stikstofuitstoot heeft sluipende effecten op natuur, milieu en volksgezondheid

Wegverkeer is ook een belangrijke veroorzaker van schadelijke uitstoot van stikstofoxiden.

Wegverkeer is ook een belangrijke veroorzaker van schadelijke uitstoot van stikstofoxiden.© ANP/Marcel Antonisse

Wilfred Simons

Stikstofvervuiling is niet alleen schadelijk voor natuur en milieu, maar vooral ook voor de volksgezondheid. Fijnstof, lachgas en stikstofoxide veroorzaken bronchitis en hart- en vaatproblemen. De vervuiling is verantwoordelijk voor 6 procent van het totale ziekteverzuim en leidt zelfs tot de dood: het Longfonds becijferde dat jaarlijks 12.000 Nederlanders voortijdig sterven aan stikstofvervuiling.

De stichting Biowetenschappen en Maatschappij, in 1969 opgericht door prinses Beatrix en prins Claus, geeft regelmatig ’cahiers’ uit waarin zij het publiek voorlicht over thema’s die ons dagelijks leven beïnvloeden. Stikstof is beslist zo’n ’biowetenschappelijk’ thema, en daarom vroeg de stichting ’stikstofhoogleraren’ Wim de Vries (Wageningen) en Jan-Willem Erisman (Leiden) zo’n cahier te maken. Het resultaat, ’Stikstof. De sluipende effecten op natuur en gezondheid’ presenteerden zij afgelopen maandag online.

Stikstof zelf is een onschadelijk gas. Onze atmosfeer bestaat er voor 78 procent uit. Het zijn de stikstofverbindingen, zoals ammoniak, nitraat, lachgas, stikstofoxiden en afgeleiden zoals ozon, die de schade veroorzaken. Nederland is een hotspot in Europa als het gaat om de productie van die verbindingen, al waait ook veel vervuiling vanuit Bretagne en Zuidwest Engeland over Europa. De landbouw is de grootste producent, maar niet de enige: het verkeer, de industrie en de huishoudens dragen ook bij.

Nederland beleeft een stikstofcrisis, nadat de Raad van State in mei 2019 de wet PAS buiten werking stelde. De jaaruitstoot van 648 kiloton is vooral schadelijk voor de Natura 2000-gebieden, die Nederland wettelijk moet beschermen. Sinds mei 2019 ’is er veel gebeurd’, zei Erisman tijdens de online presentatie. Het ministerie van LNV kreeg bijvoorbeeld een ’directoraat stikstof’. ,,Dat is uniek in de wereld.’’ De veroorzakers doen ook wel moeite om de uitstoot zover te reduceren, dat zij onder de ’kritische depositiewaarde’ komen. ,,Maar de afstand tot het doel is vrij groot.’’

De oplossing zoals Erisman die ziet, moet komen uit een mix van maatregelen. Alle sectoren moeten bijdragen, niet alleen de landbouw. Technische oplossingen, zoals elektrificatie van het vervoer en verminderen van gebruik van vooral kolen, ’helpen zeker’. Ook boeren kunnen, door hun stallen anders in te richten, de uitstoot met de helft reduceren.

Maar technische maatregelen zijn niet genoeg. Er is ook een beleidswijziging nodig. Nederland kan op de lange duur niet de tweede voedselexporteur ter wereld blijven, maar moet ’zijn boeren op een andere manier perspectief bieden’. Daar moet geld voor zijn. Consumenten moeten worden ’belast en beloond’ om andere keuzes te maken en vooral moet het beleid twintig tot dertig jaar worden volgehouden, ’zodat de boeren weten waar ze aan toe zijn’.

Net binnen