Premium

Familie Velzel al vanaf de oprichting in 1963 betrokken bij Telstar: ’Bij Telstar leer je wel verliezen, maar ik kan er nog altijd narrig van zijn’

Familie Velzel al vanaf de oprichting in 1963 betrokken bij Telstar: ’Bij Telstar leer je wel verliezen, maar ik kan er nog altijd narrig van zijn’
Arjen en Geert Velzel verkopen merchandise terwijl Geerts zoon Samuel programmaboekjes verkoopt.
© Foto NH/Paul Tromp
Velsen-Zuid

Voor de familie Velzel hoort Telstar bij het leven. Moeder Lies (73) is manusje-van-alles en zoons Arjen (49) en Geert (44) verkopen tijdens de wedstrijden aan de oostkant van het stadion merchandise. Echte clubmensen dus. En de volgende generatie staat al in de startblokken om het werk voort te zetten.

In de jaren zestig was het nog niet zo gewoon dat vrouwen van voetbal hielden. Lies had de liefde voor het spelletje en voor de plaatselijke trots Stormvogels meegekregen van haar vader. Als tiener klom ze wel eens over het hek om haar helden te kunnen zien. T

oen ze haar man Wim leerde kennen, bleken de twee een gezamenlijke liefde te hebben voor de club die inmiddels door het leven ging als Telstar. ,,Mijn man was ook gek van de club. Alles moest wijken voor het voetballen. De vakanties werden eromheen gepland.”

Na hun pensioen gingen Lies en Wim samen aan de slag als vrijwilligers bij de club die ze al die jaren waren blijven steunen. Wim deed de financiën, Lies groeide uit tot het manusje-van-alles. ,,Ik werk doordeweeks op kantoor. Dan regel ik de ticketing en houd ik mij bezig met administratie en merchandiseverkoop. Tijdens de wedstrijden verkoop ik vaak loten, soms sta ik ook achter de kassa bij de westtribune.”

Aan de andere kant van het stadion verkopen haar zoons Arjen en Geert bij de wedstrijden aan een klein tafeltje sjaaltjes, petjes, shirts, speldjes en vaantjes van de witte leeuwen. Zij kregen behalve de liefde voor voetbal en Telstar ook het doen van vrijwilligerswerk van hun ouders mee.

Familie Velzel al vanaf de oprichting in 1963 betrokken bij Telstar: ’Bij Telstar leer je wel verliezen, maar ik kan er nog altijd narrig van zijn’
Lies Velzel achter de receptie bij haar geliefde Telstar.
© Archieffoto

,,Wij liepen als kinderen al met collectebussen langs de deuren”, herinnert Geert zich. ,,Ook hebben we jarenlang jeugdkampen georganiseerd. Ik ben tegenwoordig voorzitter bij honkbalvereniging Rooswijk in Velsen-Noord. Bij Telstar heb ik in de redactie van het supportersblad gezeten en ben ik kort voorzitter van de inmiddels opgeheven supportersvereniging geweest. Het belangrijkste vn vrijwilligerswerk vind ik om te zorgen voor saamhorigheid, mensen bij de club betrekken. Het is meer dan een potje voetbal van negentig minuten. Dat had ik bij de supportersvereniging maar ook nu bij het verkopen van de merchandise. We maken graag een praatje met mensen.”

Ook voor moeder Lies is de saamhorigheid het belangrijkst in het werk voor Telstar. Gevraagd naar hoogtepunt in alle jaren bij de witte leeuwen, noemt ze niet een mooie wedstrijd of een spectaculair doelpunt. ,,Ik vind het altijd prachtig als je je met een hele groep mensen hebt ingezet voor iets voor de club. De open dagen bijvoorbeeld. Dan ben je de hele dag bezig met elkaar, het is hard werken maar het geeft veel voldoening om mensen enthousiast te zien worden over Telstar.”

De broers Velzel zijn een bekende verschijning aan de oostzijde van het stadion. ,,We staan er alweer zes jaar”, vertelt Arjen. ,,De laatste jaren komen er ook vaak buitenlandse supporters langs. Die gaan naar Telstar omdat het een authentiek stadionnetje is. Die kopen vaak een aandenken, een speldje of een sjaaltje.”

Geert: ,,Ik denk dat we gemiddeld 150 euro omzet draaien. Dat is misschien niet veel, maar vermenigvuldig dat met achttien wedstrijden en je houdt toch een mooi bedrag over voor een club als Telstar.”

Het doen van vrijwilligerswerk en een gevoel van saamhorigheid zijn belangrijk voor de ’Velzeltjes’, maar hetzelfde geldt voor het voetbal van de witte leeuwen. ,,Ik ben echt gek van voetbal. Als Telstar verliest, kan ik daar echt narrig van zijn. Maar eerlijk: bij Telstar leer je wel met verlies omgaan”, zegt Lies. ,,Er zijn ook wedstrijden geweest dat ik niks kon zien omdat ik achter de kassa moest blijven. Dat vond ik maar niks.”

Geert heeft het fanatisme van zijn moeder geërfd.

,,Mijn supportersbestaan verloopt zoals de meeste van de fans. Je begint als supporter doordat je meegaat met je vader. Dan word je echt supporter en ga je je club het hele land achterna. Vervolgens krijg je een vrouw en een gezin en ga je iets minder vaak. Dankzij mijn vrijwilligerswerk voor de club blijf ik gaan. Ik kan nog altijd vreselijk balen van een nederlaag, maar tegenwoordig ben ik het wel kwijt als ik thuiskom. Al is het wel zo dat ik het niet kan hebben als Telstar met 3-0 verliest en de spelers hun best niet hebben gedaan. Dat verteer ik slechter dan dat ze er alles aan hebben gedaan en nipt verliezen.”

Geert en Arjen hebben nog een broer. Onno, qua leeftijd zit hij tussen beiden in. Geert: ,,Ook hij is Telstarfan, hij is er altijd bij. Maar het werk laat hij aan ons over”, lacht hij. ,,Zijn zoons zitten achter de kassa tijdens wedstrijden en ook zijn vrouw doet veel.”

Geert heeft zeven kinderen. ,,De oudste gaat altijd mee en deelt programmaboekjes uit. Mijn jongste is nog te klein, maar de rest gaat vaak mee. Onlangs waren we met zijn zessen. Wat dat betreft is het wel echt een familieding.”

Arjen heeft een dochter van acht. ,,Een avondwedstrijd is nog net even te laat voor haar, maar tijdens wedstrijden in het weekend neem ik haar mee. Ze heeft nog niet zoveel met voetbal, maar Telstar vindt ze in elk geval al heel erg leuk.”

Net binnen