Premium

Celstraffen (en vrijspraak) voor mannen die huisschilder in een loods in Wormer gijzelden, bedreigden en mishandelden

Celstraffen (en vrijspraak) voor mannen die huisschilder in een loods in Wormer gijzelden, bedreigden en mishandelden
Wormer

Twee verdachten van het gijzelen, met de dood bedreigen en zwaar mishandelen van een huisschilder in een loods in Wormer krijgen van de rechtbank in Alkmaar gevangenisstraffen van twee jaar, waarvan acht maanden voorwaardelijk.

De eis tegen de 51-jarige Martin H. en de 35-jarige Jeffrey van der W., beiden uit Zaandam, was drie jaar celstraf. De rechtbank ziet geen bewijs voor betrokkenheid van een 31-jarige Zaandammer bij de zaak. Daarom is deze verdachte vrijgesproken.

De rechtbank vindt het ernstig dat de twee Zaandammers voor eigen rechter hebben gespeeld in het zakelijk conflict dat H. had met het slachtoffer. H. wilde 8000 euro terug van het slachtoffer, omdat die in opdracht van hem had gewerkt en een schildersklus niet goed zou hebben gedaan.

De schilder uit Krommenie werd op 22 oktober vier uur lang opgesloten in de loods, moest een uur op een plank liggen in een stellingkast en werd vastgebonden en opgesloten in een bezemkast. Ook werd hij zo zwaar mishandeld, dat hij een gebroken en gekneusde rib opliep, onder de blauwe plekken zat en een posttraumatische stressstoornis aan het voorval overhield.

De Krommenieër dacht dat hij dood zou gaan en heeft nog steeds veel last van wat hem is overkomen. De mannen uit Zaandam moeten hem van de rechtbank bijna 7000 euro betalen, waarvan 6500 euro smartengeld. De rechtbank vindt het heel kwalijk wat zij hebben gedaan. De straf valt lager uit dan de eis, omdat de rechtbank de twee feiten (gijzeling en afpersing) als één geheel beschouwt in tegenstelling tot justitie. De officier had ook geëist dat de verdachten vijf jaar lang geen contact mochten hebben met het slachtoffer, maar dat contactverbod wees de rechtbank af vanwege vormfouten.

Een derde man, die pas later in de loods kwam, is vrijgesproken omdat de rechtbank niet vindt dat vaststaat dat hij bij de zaak was betrokken. De eis tegen hem was acht maanden, waarvan de helft voorwaardelijk.