Kunstenaar Ernie Gerrits uit Beverwijk zoekt naar ultieme schat op het strand: ’De zee neemt en geeft’

Als het buiten nog donker is, rond een uur of zes in de ochtend, springt Beverwijkse Ernie Gerrits twee keer per week op haar fiets naar het strand. ,,Daar ga ik lekker struinen. Alles wat ik vind, sleep ik mee in mijn rugtas. Als die vol is, dan is het klaar en ga ik weer naar huis’’, vertelt de kunstenaar.

Haar schuur is gevuld met strandvondsten. Deze maand exposeert Gerrits een deel van haar collectie op de zolder van Museum Kennemerland.

De 65-jarige gaat het liefst alleen naar het strand. ,,Want anders ben je met elkaar aan het kletsen. Dan ben je afgeleid en kan je niet goed zoeken. Dat wil ik niet. Ik wil daar lekker alleen lopen en dan gewoon verzamelen, zoveel mogelijk verzamelen. Het is steeds weer de verbazing van: ’Huh, wat heb ik nu weer gevonden?’’’ En ze vindt van alles. Van koeientanden, schelpen, glas en zonnebrillen tot poppenbenen, echofoto’s en ’mooie houtjes’.

Vanuit Beverwijk fietst Gerrits naar Wijk aan Zee, waar ze haar speurtocht meestal begint. Vanaf daar wandelt ze de ene keer naar IJmuiden, de andere keer loopt ze in zo’n anderhalf uur naar Castricum. ,,Het strand is elke dag anders, dat blijft leuk. De zee neemt en geeft’’, zegt Gerrits, die al 47 jaar bij de Nationale Opera en Ballet als decorschilder werkt.

Koeientand

Op het strand loopt ze constant met haar hoofd naar beneden. Ze zoekt geen diamanten ringen. ,,Ik let op botjes’’, zegt ze blij. ,,Ik heb al veel koeientanden gevonden. Vroeger werden koeien uitgebeend op schepen. Het restafval werd in zee gegooid. Dat werd zo vaak gedaan. Wat zo apart is, is dat ik nog altijd schatten vind die nog helemaal intact zijn. Dit pijpje bijvoorbeeld’’, vertelt ze terwijl ze een houtje vasthoudt met daarop een witte pijp met sigarettenverpakkingen. ,,Allerlei wagens gaan over het strand en toch is dit pijpje niet stukgegaan. Zo heb ik ook meerdere kopjes gevonden.’’

Ze was een jaar of acht toen ze voor het eerst ging jutten. ,,Ik was al aan het jutten met mijn vriendinnetjes van de lagere school. We waren altijd van het zoeken en hutten bouwen. Daarna namen we alles mee naar huis.’’ Nog altijd neemt Gerrits alle schatten mee. ,,Thuis maak ik alles schoon en leg ik een groot stuk katoen in de huiskamer zodat alles goed kan drogen. Daarna kijk ik er een tijdje naar.’’

Dan besluit Gerrits wat ze met haar vondsten van de vloedlijn doet. Soms maakt ze er kunst van, soms laat ze het zoals het is of ze besluit meerdere van dezelfde voorwerpen te verzamelen. Zonnebrillen bijvoorbeeld, daarvan heeft ze er veel. ,,Iedereen verliest weleens een zonnebril.’’ Of stukken glas van onder andere bierflessen. ,,Het glas doet niet meer zeer. Het is zo door de zee gespoeld en heen en weer gegaan, daar kun je je niet meer aan bezeren. Kijk, de schelpen zitten er nog in.’’

Speelgoedauto

Ze maakt kunst van haar vondsten door bijvoorbeeld op een houtje een vis te tekenen. Of aan haar vondst iets toe te voegen. Ze wijst naar een stuk hout met daarop een speelgoedauto.

,,Je vindt allemaal kinderspeelgoed en daar kan je iets moois van maken. Vroeger speelden kinderen met autootjes. De schelpen hechten zich soms aan het metaal, het is dan helemaal aangekoekt. Als je de auto op een mooi houtje zet, is het nóg leuker.’’

Gerrits vindt geregeld botten van bruinvissen. Na zoveel jaar ervaring en informatie te hebben ingewonnen bij het Strandvondstenmuseum in Castricum, herkent ze de wervels van de bruinvis. ,,Af en toe vind ik ook wervels van andere vissoorten.’’

Zelfs op reis gaat het jutten door. ,,Ik was in Hong Kong en de hotelkamer was nog niet klaar’’, herinnert ze zich. ,,Ik kon even met mijn koffer op het strand wachten. Toen viel ik in slaap. Op het moment dat ik wakker werd, was het eb geworden. Chinezen met van die strohoedjes waren schelpdieren aan het zoeken. Ik ben ook gaan kijken, maar ik lette niet op de dieren. Ik zag een dekseltje en nog een dekseltje’’, lacht ze. ,,Van die hele oude Chinese dekseltjes. De oudheden vind ik bijzonder.’’ Haar troeven uit Hong Kong heeft ze in een kijkkast verzameld. Ze heeft daarnaast ook kastjes die typerend zijn voor andere plekken die ze bezocht, zoals Spanje, Griekenland en Sri Lanka.

Wat Gerrits ooit nog hoopt te vinden, is een mammoetbot. ,,Maar dat is niet voor iedereen weggelegd’’, zegt ze meteen. Toch hoopt ze dat ze die ultieme schat ooit in handen heeft. ,,Ik vind dat gewoon mooi. Dat vroeger de zee land is geweest en dat de botten van de dieren, die toen leefden, vandaag de dag nog gevonden worden.’’

Expositie

De strandvondsten van Ernie Gerrits zijn tot 1 februari te zien in Museum Kennemerland, Westerhoutplein, Beverwijk.

Het museum is sinds dit jaar vier middagen geopend op woensdag, vrijdag, zaterdag en zondag van 14 tot 17 uur. Meer informatie: museumkennemerland.nl.

Marina de Haan