Een toerbus vol Achterhoekers wilde met Robert Gesink op de foto. Zelf hoeft Jetse Bol tijdens een stop alleen de vliegen uit de zonnebrand te vegen | column

Jetse Bol: ’Nu ging ik vooral voor de bergen ooit deze kant op, maar het weer was natuurlijk mooi meegenomen. Nou, het kan te gek ook.’

De wielerwereld draait weer op volle toeren. Jetse Bol rijdt voor de Spaanse ploeg Burgos-BH en vertelt op deze plek over zijn ervaringen in dit wielerseizoen.

Acht jaar woon ik alweer in Spanje. En hoewel ik het inmiddels over Girona heb als ik praat over thuis, voelt het nog altijd als vakantie als ik zo’n typisch Spaans dorpje binnen rijd. Met een pleintje, van die stenen bankjes er omheen en zo’n fonteintje in het midden.

En van die pleintjes zie ik er momenteel veel want het is hier heet. Maar dan ook écht heet. Van de week tikte de thermometer een paar dagen de 37 graden aan. Nu ging ik vooral voor de bergen ooit deze kant op, maar het weer was natuurlijk mooi meegenomen. Nou, het kan te gek ook.

Omdat ik momenteel in een periode zit zonder wedstrijden, heb ik het vorige week iets rustiger aan gedaan. Normaal train ik zeven dagen in de week, maar nu heb ik even gas teruggenomen. Ik was wat vermoeid na mijn laatste wedstrijden in Frankrijk en maandag vertrek ik naar Andorra om daar, ter voorbereiding op de Vuelta, drie weken op hoogte te trainen. Daar wilde ik uitgerust aan beginnen.

Deze week train ik weer volle bak, maar vanwege de hitte is het dus wel regelmatig stoppen om op zo’n pleintje af te koelen. Uit die fonteintjes drink ik niet, maar je kunt je er wel even opfrissen én de vliegen uit de zonnebrand vegen. Van de week zette ik zo’n fonteintje aan, maar duurde het een minuut voordat er koud water uitkwam. Water om te drinken haal ik ook tijdens een training dus gewoon in de supermarkt. Voordat je het weet, loop je een legionellabesmetting op.

In de dorpjes hier in de buurt (her)kennen veel lokale wielrenners mij wel. Via Strava en social media is iedereen tegenwoordig goed te volgen. Robert Gesink woonde hier tot voor kort ook, zoals er in Girona een stuk of vijftig wielerprofs wonen. Toen ik eens trainde samen met Gesink en ook Tejay van Garderen en we wat van die lokale renners tegenkwamen riepen die: ’Hi Jetse’. Daar kan ik dan hard om lachen, fiets ik daar met van die grote namen.

Maar goed, dat was eenmalig. Ik weet nog dat ik samen met Robert op hoogtestage was. Ook in Andorra toevallig. Kwamen we bovenop een berg aan, stond er een toerbus vol met mensen uit de Achterhoek. Hij komt natuurlijk uit Varsseveld, maar je wil niet weten hoeveel mensen hem herkenden. Echt iedereen. Ze wilden allemaal met hem op de foto.

Nee, dat overkomt mij niet tijdens een stop bij zo’n fonteintje.

Net binnen