Koning Willem I boog zich ook over kerkelijke vraagstukken

’t Gildehuys, voormalig Gereformeerde Kerk.
Beverwijk

De geschiedenis van de Grote Kerk is verbonden met Beverwijk en haar bewoners. Hoe zeer dit het geval is maakt Jan Kramer duidelijk door te vertellen hoe het de Grote Kerk door de eeuwen heen is vergaan.

Na de bevrijding van het Franse bewind werd Willem I koning van het Koninkrijk der Nederlanden. Koning Willem I hield zich ook met kerkelijke vraagstukken bezig. Hij liet een kerkorde ontwerpen voor een Nederlandse-hervormde kerk.

Op 7 januari 1816 werd het Algemeen Reglement voor het bestuur der Nederlandsche-hervormde kerk in het Koningrijk der Nederlanden bij Koninklijk Besluit goedgekeurd. Hierbij kreeg de kerk de officiële naam Nederlandse Hervormde Kerk.

Er ontstond al spoedig onvrede bij de rechtzinnigen die van mening waren dat er te veel werd afgeweken van de Synode van Dordrecht uit 1618. Dit leidde in 1834 tot een afscheiding die zich de Christelijk Gereformeerde Kerk noemde. Een veel grotere afscheiding vond plaats in 1886 onder leiding van Abraham Kuyper onder de naam Gereformeerde Kerk Nederland die met een eigen krant (Trouw), politieke partij (ARP) en universiteit (VU) een echte zuil werd.

In Beverwijk vielen deze twee afscheidingen samen in een Gereformeerde Kerk die met 14 leden zijn bestaan begon in een timmerschuur aan de Koningstraat. In 1879 werd er door financiële steun van welvarende Amsterdammers, waaronder de heer Kramer (geen familie), krediet verschaft waarvoor een pand aan de Baanstraat 32 kon worden gebouwd. Dat we kennen als het Gildehuys en Kostertje. In 1923 wordt een perceel grond aan de C.H. Moensstraat gekocht waar de Middelaarkerk wordt gebouwd welke op 22 december 1930 wordt geopend.

Toen ik een katholiek jongetje was leerde ik dat er naast katholieken ook protestanten waren. Niet dat we daar iets mee te maken hadden want we zaten op een katholieke school, voetbalclub en scouting. We gingen naar een katholieke bakker, slager, groenteboer en kruidenier. Mijn spaarbankboekje kwam van de katholieke boerenleenbank, mijn ouders stemden de Katholieke Volkspartij (KVP), we lazen de katholieke Volkskrant en luisterden naar de katholieke radio omroep (KRO). Kortom we zaten in een katholiek logaritmische bubbel, maar dat noemden we toen verzuiling. Elke ideologie zijn eigen zuil.

Echter toen ik in een christelijk ziekenhuis ging werken kwam ik helemaal geen protestanten tegen. Er waren Nederlands hervormden, lutheranen, gereformeerden, baptisten, pinkstergemeenten, doopsgezinden en nog enkele meer. Zij keken allemaal net iets anders tegen hun geloof aan maar desondanks werkten ze prima samen. Bovendien leverde het veel gespreksstof op, ik leerde er mijn meisje kennen en het zorgde ervoor dat ik nu deze stukjes kan schrijven. Veel later kwam ik er achter dat protestanten een verzamelnaam zijn voor Nederlands-hervormden, gereformeerden en lutheranen. Zij fuseerden na een langdurig ’Samen op weg’ proces in 2005 tot de Protestantse Kerk Nederland (PKN).

De 19e eeuw was er een van armoede en de opkomst van de industrialisatie. Hoe was dat in Beverwijk en hoe verging het de Grote Kerk in die tijd? Daarover volgende keer.

Net binnen