Premium

De Haarlemse Mariëtta werkte tijdens de coronacrisis tien maanden in Congo: ’Voordat ik de jeep in stapte, belde ik eerst even de rebellen’

De aanpak van corona had parallel kunnen zijn aan die van corona, zij het niet dat beschermingsmiddelen niet meer te verkrijgen waren.
Haarlem

Maart 2020. Een whatsappje vanuit Goma - een miljoenenstad in het oosten van de Democratische Republiek Congo - bereikt een aantal Haarlemse telefoons:

’Er heerst hier rust, geen paniek. Sommige collega’s wilden naar huis omdat ze kinderen hebben, maar het gros blijft. Net als ik. Dit is ook wel een beetje wat nu eenmaal Artsen zonder Grenzen is... Bij onze teams die gezondheidsvoorlichting over cholera geven, komen vragen binnen over corona: ’ ’Is het weer, net als ebola, een verzinsel?”, of ’Klopt het dat mensen met een zwarte huidskleur het niet kunnen krijgen?’ (Neeen! Alle cases in Congo zijn Congolezen en geen Europeanen.)’

De afzender van het bericht is de Haarlemse Mariëtta Nagtzaam. Ze stuurt het naar familie en vrienden in Nederland. De 54-jarige verliet in november 2019 haar appartement aan het Spaarne om voor tien maanden op missie te gaan in Congo voor Artsen zonder Grenzen. Haar taak? Landcoördinator, een spin in het web functie. Ze is verantwoordelijk voor al het personeel dat de Ngo daar heeft zitten, houdt het overzicht over alle zorgprojecten en ze onderhandelt met het Congolese ministerie van gezondheid. Voor vierenhalve maand kan ze ’gewoon’ haar werk doen, totdat halverwege maart corona Congo bereikt.

Net binnen