Ik ben toch altijd weer opgelucht als Winston ergens anders opduikt | Column

Bob en Arianneke met hun cheques.
© Foto Roy Beusker Fotografie

Bob en Arianneke uit Heerhugowaard zijn vijf ton rijker. VIJF TON! Winston van de Postcode Loterij stond opeens op de stoep met het welbekende koffertje en met die even zo grote als onvermijdelijke grijns van hem. En dan weet je het wel. Bingo!

Bob en Arianneke werden meegenomen naar de caravan van Winston. Daar werd bekend dat er niet alleen voor Bob een koffertje was met ruim drie ton, maar dat ook Arianneke twee ton had gewonnen.

Het stel goed voorbereid. Ze wisten al wat ze met het geld zouden doen. Een boot en een appartementen in Oostenrijk. Dan schiet het al aardig op met die vijf ton, zou ik zo zeggen.

Mijn gedachten gaan echter vooral uit naar de buren van Bob en Arianneke. Het verdienmodel van de Postcode Loterij is erop gebaseerd dat het je pijnlijk wordt ingewreven als je geen lot hebt. Terwijl de winnaars feest vieren, blijven zij zitten met het gevoel van: ’hadden we maar’. Hopelijk kunnen de psychologische traumateams wegblijven.

Mijn vriendin en ik spelen zelf ook al jaren mee met deze loterij. We zijn in al die tijd niet verder gekomen dan chocoladerepen, kookboeken en Hema-bonnen, maar we geven de moed niet op. We kijken zelfs regelmatig naar die spelshow.

Hoe graag we ook een flinke hoofdprijs winnen, de angst is altijd aanwezig dat Winston daadwerkelijk op onze bel drukt en dat we dan in onze pyjamabroeken naar de deur moeten om open te doen voor tv-kijkend Nederland.

Ik ben toch altijd weer opgelucht als Winston ergens anders opduikt.

Net binnen