Tikkie terug: Diva Inge de Bruijn is ’toppie joppie’ in Sydney: kampioen is koningin van het zwembad tijdens Olympische Spelen van 2000

Inge de Bruijn toont haar medailles aan het publiek.
© Foto ANP

In deze rubriek blikken we terug op een historische sportgebeurtenis die deze week haar ’verjaardag’ viert.

Wedstrijd: Olympische Spelen, zwemmen, 100 meter vrije slag vrouwen

Datum: 21 september 2000

Plaats: Sydney

Het lijf

Inge de Bruijn (van 24 augustus 1973, inmiddels 47 dus) had het lijf om topsporter te zijn, maar de Barendrechtse had mentaal nog wel eens een tegenslag. Ze was al een Europese topper toen ze in 1992 haar debuut maakte op de Olympische Spelen in Barcelona, maar vier jaar later in Atlanta ontbrak de specialiste op de vlinder- en vrije slag. „Ik was in 1996 even de passie en motivatie kwijt voor topsport”, zei ze daar zelf over. „Ik voelde me niet waardig genoeg om Nederland te vertegenwoordigen.”

Comeback

Maar de Zuid-Hollandse kwam sterker dan ooit terug. Ze werd voor de Spelen door coach Jacco Verhaeren weggestuurd bij PSV, maar verhuisde in 1997 naar Amerika om te trainen onder coach Paul Bergen. De Bruijn was supergemotiveerd om de beste van de wereld te worden, het spartaanse regime van de Amerikaan was voor haar geen probleem. En er kwam ook resultaat. Op het EK kortebaan in 1998 won ze twee keer goud, een jaar later werd ze wereldkampioen kortebaan op de 50 vrij.

Roze wolk

Tijdens de Olympische Spelen in Sydney zat De Bruijn op een roze wolk, ze had inmiddels een relatie met coach Jacco Verhaeren, die haar weer in genade had aangenomen. Ze begon het toernooi met een zilveren medaille op de 4x100 meter vrije slag, een mooie teamprestatie. Daarna was er een gouden medaille en wereldrecord op de 100 meter vlinderslag, wat echter toch een beetje een bijnummer is. De vrije slag is het snelst, de 100 meter het koninginnennummer.

Koningin

De Bruijn had een goede start, keerde na 50 meter als eerste en vergrootte haar voorsprong op de terugweg; er was geen finishfoto nodig om te bepalen wie de nieuwe Olympisch kampioen was. 53.83 seconden, een toptijd net boven het wereldrecord. En dan moest haar specialiteit nog komen. Het toernooi werd afgesloten met de 50 vrij. En weer was De Bruijn de snelste. De koningin van het zwembad won drie keer goud en een keer zilver, een ongekende prestatie. Of ’toppie joppie’, zoals ze het zelf verwoorde.

Diva

De koningin veranderde echter in een diva. Niet de zwemster, maar de gezellige Brabantse wielrenster Leontien van Moorsel was de sportvrouw van 2000. De Bruijn wilde bevestiging van haar prestaties, maar de nuchtere Nederlanders konden haar dat niet geven. In 2002 moest ze weer weg bij PSV, waarna ze onder leiding van Paul Bergen in 2004 nog een keer goud pakte op de 50 vrij in Athene. Tot Ireen Wüst haar inhaalde, was ze de meest succesvolle Nederlandse Olympiër.

Net binnen